inicio mail me! sindicaci;ón

Archive for Kennis delen

Innovatie bij waterschappen moet over mensen gaan!

In 2009 deed Alares onderzoek naar kennis- en innovatiemanagement binnen waterschappen. Meer dan de helft van alle waterschappen namen deel aan dit onderzoek. We inventariseerden welke rol innovatie inneemt binnen de organisaties, waar de prioriteiten voor innovatie liggen en hoe innovatie ‘gestimuleerd’ wordt. Uit het onderzoek blijkt dat innovatie binnen de wereld van de waterschappen vrijwel alleen over techniek gaat. De menselijke kant (sociale innovatie) is een onderwerp dat nog onderontwikkeld is. Dit terwijl de waterschappen aangeven dat hier de uitdaging voor hen ligt.

De kennis en kunde van mensen binnen de waterschappen is erg groot. Het zijn professionals met specifieke kennis over de verschillende aspecten van watermanagement. Het waterschap wil dan ook het maximale uit haar mensen halen. Tegelijk worstelen ze met vraagstukken hoe zij dit moeten organiseren. Het in beweging brengen van mensen om kennis te delen en om te innoveren vraagt meer dan alleen het aanschaffen van nieuwe techniek. Innovatie bij waterschappen moet (meer) over mensen gaan. Innovatie is het kapitaliseren van kennis om daardoor efficiënter en/of effectiever te gaan werken, en daarbij moet je de mensen meekrijgen.

Nu – bijna een jaar na het onderzoek – zien wij dat sociale innovatie meer en meer aandacht krijgt. Waterschappen geven meer aandacht aan het ontwikkelen van de organisatie. Het stimuleren van samenwerking en kennisdeling tussen medewerkers zijn daarbij steeds belangrijker speerpunten. Maar in de praktijk blijft het lastig om medewerkers anders te laten werken. De worsteling waar de waterschappen vorig jaar mee kampten zijn dus niet veranderd. De aandacht voor het onderwerp wel.

Er is nu dus aandacht. Maar hoe gaan we nu verder? Hoe zorgen we er voor dat het niet alleen bij aandacht blijft, maar dat er ook acties uitgezet worden? Wij zijn hier met een drietal Waterschappen al over in gesprek. Lijkt mij leuk om ervaringen met elkaar te delen! Hoe zorgen we voor structurele aandacht voor sociale innovatie binnen het waterschap?

Het onderzoek dat wij uitvoerden naar kennis- en innovatiemanagement is via deze link terug te vinden.

Wie snel wil gaan, gaat alleen. Wie ver wil komen gaat samen

‘Samen werken, samen leven’, zo kopte het beleidsprogramma van het vierde kabinet Balkenende in juni 2007. Een veelzeggend woord, ‘samen’; de overheid die een beroep doet op de inzet van de burger, een overheid die aangeeft het niet alleen te willen doen, een overheid die een bewustzijn creëert waarin samenwerken leidt tot een betere samenleving: iedereen kan – en moet – z’n steentje bijdragen.

 

In het publieke domein wordt hier direct invulling aan gegeven. Er ontstaan overal in het land samenwerkingsverbanden om de kwaliteit van dienstverlening te verhogen. Ketenpartners slaan de handen bijvoorbeeld ineen op het gebied van de zorg voor de jeugd: Centra voor Jeugd & Gezin (CJG). Eenzelfde ontwikkeling vindt plaats op het gebied van criminaliteitspreventie: Veiligheidshuizen. Mooie initiatieven, maar de (door)ontwikkeling van de samenwerking in de keten is minder eenvoudig dan gedacht. Het hebben van een wens tot samenwerken is niet genoeg, toont het concept van het Veiligheidshuis aan.

Landelijk initiatief, regionale uitvoer

Het kabinet stelt dat voor het eind van 2009 het concept veiligheidshuis landelijk bekend is. Dit verklaart een enorme toename van het aantal veiligheidshuizen door het hele land. De veiligheidshuizen hebben een zeer korte tijd om op te starten, moeten halsoverkop op zoek gaan naar een locatie, medewerkers en een middel om mee samen te werken; veelal een informatiesysteem. De decentrale opzet van de veiligheidshuizen kent voor- en nadelen. De vrijheid die gemeenten en het OM krijgen bij het opzetten van het veiligheidshuis wordt als voordeel gezien. Op deze wijze kan lokaal invulling gegeven worden aan de vraag en behoeften uit de regio. Het nadeel schuilt in de uiterst complexe uitdaging een goed georganiseerde samenwerking op te zetten, vooral als er vanuit het landelijke een grote druk op wordt gelegd.

 

Door de vrijheid die organisaties krijgen in het oprichten van het Veiligheidshuis, gecombineerd met het korte tijdsbestek waarin dit moet gebeuren, krijgen niet alle aspecten voldoende aandacht in de oprichtingsfase. Wij merken dat visievorming en strategiebepaling niet voldoende aandacht heeft. Er wordt gestart met de samenwerking door het groeimodel te hanteren. Maar een visie op hoe het Veiligheidshuis moet groeien en hoe de samenwerking vervolgens wordt ondersteund ontbreekt vaak. Informatievoorziening binnen het veiligheidshuis is dan ook een onderbelicht aspect. Veiligheidshuizen lopen met de vraag rond hoe zij hun samenwerking het best kunnen ondersteunen. Veelal kiezen zij daarom individueel voor een systeem. Het gevaar is dat hierdoor niet de visie centraal staat op hoe er samengewerkt moet worden, maar dat het systeem centraal komt te staan.

Informatievoorziening binnen het Veiligheidshuis

Hoe ondersteunen – en stimuleren – we samenwerking binnen de keten? Hoe zorgen we dat de juiste informatie voor iedereen vindbaar is? Hoe stimuleren we actieve kennisdeling? En hoe willen we sturen op het Veiligheidshuis, en welke informatie hebben wij hiervoor nodig? Verschillende vragen die essentieel zijn voor een netwerkorganisatie als het Veiligheidshuis. Al eerder deed Alares in opdracht van het Programmaministerie voor Jeugd en Gezin onderzoek naar deze – en meer – vragen rondom informatievoorziening. Toen gericht op het CJG. In de praktijk tonen de CJG’s veel overeenkomsten met de Veiligheidshuizen; professionals uit verschillende organisaties werken samen – veelal fysiek – onder één dak. Bovenstaande vragen spelen in al deze vormen van samenwerkingsverbanden een belangrijke rol.

In de praktijk

In de praktijk blijkt dat informatievoorziening doorslaggevend is bij het succesvol doorontwikkelen van Veiligheidshuizen. Er wordt nog te weinig gehandeld vanuit een visie als het gaat om informatievoorziening. Er wordt gedacht aan een systeem waarin de professionals kunnen samenwerken. Het centraal stellen van systemen levert nooit het gewenste resultaat. Een systeem is ondersteunend – faciliterend aan een gewenste manier van werken. Onder de veiligheidshuizen leeft dan ook een sterke vraag naar landelijke richtlijnen voor de informatievoorziening. Als antwoord op deze vraag heeft het Ministerie van Justitie de ambitie uitgesproken om eind 2009 een landelijk dekkend netwerk gereed te hebben voor de veiligheidshuizen. Onder de naam GCOS wordt hard gewerkt aan dit systeem. Maar in plaats van eind 2009 wordt het systeem naar alle waarschijnlijkheid pas eind 2011 ingevoerd. Dit heeft tot gevolg dat de zojuist uit de grond gestampte veiligheidshuizen geen gebruik kunnen maken van een goed ondersteunend systeem. Tijdens de oprichting heerste de gedachte dat er een landelijk dekkend netwerk beschikbaar zou zijn op het moment dat het veiligheidshuis in gebruik zou gaan, nu loopt dit 2 jaar (!) uit. Een tiental veiligheidshuizen zit daarom momenteel in dubio; 2 jaar wachten op het landelijke systeem, of starten met een ander systeem?

Van uitdaging tot probleem

De uitdagingen rondom informatievoorziening binnen veiligheidshuizen is door een samenloop van omstandigheden uitgegroeid tot een daadwerkelijk probleem. Het lijkt allemaal ‘quick and dirty’ te moeten en Veiligheidshuizen worden daarom letterlijk uit de grond gestampt. Onderdelen als samenwerkingscultuur, toekomstvisie, informatievoorziening en kennismanagement krijgt niet voldoende aandacht. Er wordt gestart met de werkzaamheden, en vervolgens ‘zien we het wel’. Met deze instelling komen verschillende Veiligheidshuizen ook zeker een heel eind. Tegelijk zijn er nog veel meer Veiligheidshuizen die minder ‘succesvol’ zijn – of zullen zijn. Voor hen verandert een mooie uitdaging om samen te werken in de keten tot een weg met obstakels waar geen eind aan lijkt te komen.